Winter checklist.

Print versie Winter checklist

Winter_checklist_en

Deze winter checklist helpt u om uw schip winterklaar te maken. Print dit document uit, lees het
goed door en bereid u voor. U kunt iedere actie afvinken zodra u deze heeft afgerond.
ONDERWATERSCHIP
BESCHERMENDE VERFLAGEN 
Voordat u een nieuwe laag aanbrengt moet u controleren dat de huidige laag intact is. Lees de
gebruiksaanwijzing van het verfsysteem door en begin vervolgens met het bijwerken van de
beschadigingen en oneffenheden.
__________________________________________________________________________________
ANTIFOULING 
Ga het hele onderwaterschip na en zoek naar loszittende of afbladderende lagen anti-fouling. Deze
moet u afsteken of afborstelen. Schuur vervolgens de oude anti-fouling grondig. Doe een mondkapje
en een stofbril op ivm de kans op inademing van giftig schuurstof. Neem na het schuren het
onderwaterschip goed af. Eerst met water om het meeste stof eraf te krijgen en vervolgens verdunt
u ammoniak met water (1:10) en neemt u het nog een keer goed af, zodat het vetvrij is. Begin met de
nieuwe anti-fouling aan te brengen zodra het onderwaterschip droog is. Rol de anti-fouling verticaal
van beneden naar boven en na meerdere banen rolt u vervolgens horizontaal van achter naar voren.
Hierdoor krijgt u geen druppels en een goed eindresultaat.
__________________________________________________________________________________
ANODES 
Controleer of de anodes vervangen moeten worden. Wanneer ze meer dan de helft zijn ingeteerd
dan dient u deze te vervangen, anders kunt u ze schoonborstelen. Als er veel aangroei (pokken) op
zitten kunt hiervoor het best een staalborstel gebruiken.
__________________________________________________________________________________
AFSLUITERS, SLANGEN EN SLANGKLEMMEN 
Draai alle afsluiters, slangen en slangklemmen een keer open en vervolgens meer dicht. Functioneren
deze naar behoren? Tap de afsluiters af en zorg dat de leidingen leeg zijn, zodat deze niet kunnen
bevriezen.
__________________________________________________________________________________
KIELBOUTEN & ROEROPHANGING 
Open in het interieur de vloer boven de kiel en bekijk de kielbouten. Kijk goed naar (sporen van)
lekkage en corrosie. Wanneer u rond de kiel (haar-) scheuren in de verf of anti-fouling ziet duidt dit
vaak op beweging tussen de romp en de kiel. Laat dit door een expert bekijken als u het niet zeker
weet. Controleer de roerophanging. Bij een aangehangen roer kijkt u naar de bevestigingen op het
roer en de romp. Bij een doorgestoken roer bekijkt u of er speling zit op de roerlagers. Er zit speling
op in het geval u het roer omhoog en omlaag kan bewegen. Controleer ook de werking van de
hydraulische stuurpomp (bij vertraagde reactie vaak lucht in het systeem) of bekijk de staat van de
stuurkabel.
__________________________________________________________________________________
RESPONDERS VAN LOG & DIEPTEMETER 
Bekijk of deze zijn beschadigd en nog goed stevig op hun plek zitten. Communiceren ze nog met de
displays aan boord?
__________________________________________________________________________________
ROMP BOVEN WATER
ROMP 
Loop de romp helemaal na en werk beschadigingen bij in de gelcoat of lak. Zodra deze droog zijn
kunt u de romp schoonmaken, poetsen en in de was zetten.
__________________________________________________________________________________
TEAKHOUT 
Spuit het dek goed af. Poets vervolgens het teak met warm water met soda of groene zeep. Het best
kunt u dit doen met een schuursponsje. Gebruik geen harde borstels, want daarmee beschadigt u het
teak.
__________________________________________________________________________________
ANKERBAK 
Indien er veel bladeren of andere opgedroogde modder van de bodem in ligt dan kunt u dit het beste
eerst eruit halen. Een stofzuiger is hiervoor ideaal, maar dan moet het wel droog zijn. Spuit daarna de
bak uit en maak het schoon met alles reiniger. Zorg ervoor dat het loos gaatje vrij en schoon is.
__________________________________________________________________________________
HOUTWERK 
Maak al het houtwerk goed schoon met water en alles reiniger. Denk ook aan de kuiptafel,
potdeksels, vlaggenstok en zittingen.
__________________________________________________________________________________
LUIKEN & BAKSKIST 
Open de luiken en bakskisten en maak deze aan de binnen- en buitenzijde schoon met alles reiniger.
Borstel de kieren en naden schoon. Dit kun je ook perfect doen met een stofzuiger. Controleer de
rubbers of deze niet te droog zijn en vet deze eventueel in met een klein beetje vaseline (gebruik je
vinger of wc-papier). Vervang de eventueel de rubbers.
__________________________________________________________________________________
LIEREN, BLOKKEN, KIKKERS & STOPPERS 
Haal de lieren voorzichtig uit elkaar en maak de onderdelen schoon met een doek. Zet alles weer in
elkaar en spuit de lier in met McLube terwijl u de lier laat draaien. Zet pas hierna de drum er weer
op. Controleer alle blokken of deze nog soepel lopen. Vieze blokken kunt u in zoet warm water met
alles reiniger laten weken. Wanneer ze volledig droog zijn kunt u ze inspuiten met McLube. Bekijk of
de kikkers en bolders nog goed bevestigd zitten. Klemmen de (val-) stoppers nog voldoende en zijn ze
schoon?
__________________________________________________________________________________
LIJNEN 
Haal schoten, vallen en landvasten van boord en maak deze schoon. U kunt de lijnen in een bad met
warm water en soda in de week leggen, of de lijnen in uw wasmachine wassen. Hierdoor ziet het er
niet alleen frisser uit, maar slijten de lijnen ook minder snel stuk door vuil in de mantel.
MOTOR, VOORTSTUWING & BESTURING
AFTAPPEN 
Tap de waterinlaat af of laat dit doen. Zoals eerder genoemd doet u dit ook met de afsluiters. Alle inof
uitlaten dient u af te tappen als daar water in zit. Op deze manier voorkomt u bevriezing van
leidingen die bij dooi door uitzetting kunnen scheuren met alle gevolgen van dien.
__________________________________________________________________________________
SCHROEFAS 
Beweeg de schroef heen en weer (zijwaarts) en controleer of er speling in het buitenlager zit.
__________________________________________________________________________________
BINNENLAGER 
Controleer op lekkage bij de huid doorvoer. Draai de pakkingbus aan en indien noodzakelijk vernieuw
de pakking. Als u twijfelt aan uw eigen kunnen, laat dit dan door een expert doen.
__________________________________________________________________________________
SCHROEF 
Controleer de schroefbladen op beschadigingen, vervorming en scheurtjes. Bekijk of de borging van
de schroef op de schroefas in orde is. Is de anode nog goed?
__________________________________________________________________________________
OLIE & KEERKOPPELING 
Ververs de olie! Laat de olie uit het carter lopen (zorg voor een goede opvangbak onder het blok) en
vervang de oliefilters. Giet vervolgens nieuwe olie in de motor. Doe de oude olie in de lege jerrycans
van de nieuwe olie en breng deze weg naar een verzamelpunt. Controleer de keerkoppeling en zorg
dat er voldoende olie in het systeem zit.
__________________________________________________________________________________
V-SNAREN 
Voel aan de V-snaar of er niet te veel speling op zit. Er mag maximaal 0,5 cm speling op zitten.
Vervang indien nodig de waaier en de deksel van de koelwaterpomp.
__________________________________________________________________________________
BRANDSTOFLEIDINGEN & PLUGGEN 
Loop de leidingen vanaf de brandstoftank tot aan met de motor volledig na en controleer op lekkage.
__________________________________________________________________________________
RESERVE MATERIALEN MOTOR & OVERIG CONTROLEREN 
Zorg dat er voldoende reserveonderdelen aan boord zijn. Minimaal twee oliefilters, impellor, Vsnaar,
motorolie, etc.
__________________________________________________________________________________
MOTORBEDIENING 
Controleer de gashendel op werking. Vooruit, neutraal en achteruit moet goed en soepel schakelen.
Loop de kabels na op beschadigingen en controleer dat deze op voldoende spanning staan.
__________________________________________________________________________________
HELMSTOK OF STUURWIEL 
Controleer de ophanging op beschadigingen of roest. Zit er speling op de roerkoning? Zorg voor een
noodhelmstok aan boord.
ELEKTRISCHE INSTALLATIE & INSTRUMENTEN
SCHAKELPANEEL 
Schakel alle schakelaars aan en uit en controleer of deze het doen. Kijk ook naar corrosie.
__________________________________________________________________________________
ACCU’S 
Meet de accu’s door om te zien of deze nog voldoende spanning hebben. Het minimum is 10,5 Volt.
Een volle (nieuwe) accu zit op 13,2 V. Onder het minimum dient u de accu te vervangen. Reinig de
klemmen draai deze vast. Smeer daarna de klemmen in met vaseline.
__________________________________________________________________________________
KOMPAS & NAVIGATIE VERLICHTING 
Controleer de werking van het kompas. Bekijk zowel het analoge als het digitale kompas. TIP: gebruik
het kompas op uw Smartphone om te zien of de boordkompassen nog de juiste koers aangeven. Doe
de navigatieverlichting aan en uit en maak de behuizing schoon. Vervang desnoods de lampen.
__________________________________________________________________________________
MARIFOON, GPS & OVERIGE INSTRUMENTEN 
Zet alle apparatuur aan en controleer ieder instrument op zijn werking. Zet alles na controle weer uit.
__________________________________________________________________________________
LOG & DIEPTE METER 
Geven de displays nog de juiste gegevens aan? Gebruik een lange peilstok om handmatig te meten
hoe diep het is op uw ligplaats en vergelijk of dit enigszins overeenkomt met de dieptemeter. Meet
met een hand-held uw snelheid en bekijk of het log ongeveer hetzelfde aangeeft. Een kleine
afwijking is normaal.
__________________________________________________________________________________
BINNENVERLICHTING 
Zet alle verlichting binnen aan en controleer of alles brand. Vervang waar nodig de lampen. Zet alles
na controle weer uit.
__________________________________________________________________________________
ZEKERINGEN, BATTERIJEN & LAMPJES 
Zorg dat u voldoende reserve zekeringen, batterijen en lampjes aan boord heeft. Zorg ook voor de
batterijen van losse apparten, zoals hand-helds en zaklampen. Eventuele olielampen vult u ook en
voorziet u van nieuwe lonten.
__________________________________________________________________________________
VEILIGHEID EN VAAR UITRUSTING
KUSSENS, MATRASSEN, GORDIJNEN & KLEDING 
Haal alle kussens, matrassen, gordijnen en (zeil-) kleding van boord. Door vocht gaat dit stinken en
dat laat een geur achter die u moeilijk weg krijgt. Was hoezen, gordijnen en kleding thuis in de
wasmachine. Controleer wel de wasvoorschriften
__________________________________________________________________________________
ZEERELING 
Loop alle scepterpotten na en bekijk of deze nog goed bevestigd zitten. Span de relingdraden aan en
loop de boven- en onderdraad met de hand na en controleer op beschadigingen.
__________________________________________________________________________________
ZWEMTRAP 
Bekijk of de bevestigingspunten op de boot goed zijn. Smeer de scharnieren in met siliconenspray of
McLube.
__________________________________________________________________________________
NOODSIGNALEN 
Controleer de vervaldatum en of de volledige inhoud nog aanwezig is. Vul aan of vervang indien
nodig.
__________________________________________________________________________________
REDDINGSVESTEN 
Haal de reddingsvesten van boord en sla deze thuis op een droge plek op. Maak ze schoon, loop de
naden en sticksels na en controleer de sluitingen en de life lines. Controleer het CO2 patroon bij een
automatisch vest.
__________________________________________________________________________________
REDDINGSBOEIEN of JON BUOY 
Controleer de verlichting en vervang desnoods de batterij. Schroef het kapje van de lamp af en wrijf
het vocht eruit.
__________________________________________________________________________________
REDDINGSVLOT 
Controleer de laatste keuringsdatum en laat het vlot indien nodig opnieuw keuren.
__________________________________________________________________________________
BRANDBLUSSERS 
Controleer de laatste keuringsdatum en laat de brandblussers indien nodig opnieuw keuren.
__________________________________________________________________________________
LENSPOMPEN 
Zet de lenspomp aan en kijk of deze nog goed werkt. Veel lenspompen hebben een olie afscheider.
Deze kunt u eventueel vervangen.
__________________________________________________________________________________
GASINSTALLATIE 
Neem een emmer met zeepsop en smeer dit overvloedig over de gasslang. Als u belletjes ziet
ontstaan dan weet u dat de slang lek is. Is de ontluchting van de gasbun vrij? Vervang de gasslang
iedere 3 jaar.
__________________________________________________________________________________
EHBO-KIT 
Controleer de vervaldatum. Vul de EHBO-kit aan.
__________________________________________________________________________________
FENDERS 
Maak de fenders schoon met alles reiniger. Haal de fender covers eraf en was deze thuis in de
wasmachine. Controleer wel de wasvoorschriften. Pomp de fenders opnieuw op en controleer de
lijntjes.
__________________________________________________________________________________
LANDVASTEN 
Loop alle landvasten na door ze door de hand op te schieten. Controleer op slijt- en schaafplekken.
Snij losse eindjes eraf en smelt de uiteinden.
__________________________________________________________________________________
ANKER & KETTING 
Bekijk het anker. Schuur roest eraf en zet het anker eventueel in de staalbeits. Loop de gehele
ankerketting na en controleer op scheuren of beschadigingen. Controleer de sluiting en de
bevestiging van de ankerketting aan het schip in de ankerbak. Bij een verroeste ankerborg dient u dit
te eraf e schuren en in de staalbeits te zetten. Vervangen is ook een optie bij een zeer slechte staat.
__________________________________________________________________________________
BIJBOOT 
Maak de bijboot schoon. Controleer de dollen en de roeispanen. Loop de bijboot na op lekkages en
repareer deze. Geef de buitenboordmotor een winterbeurt of laat dit doen.
__________________________________________________________________________________
GEREEDSCHAP 
Is uw gereedschapskist nog compleet? Vul desnoods aan.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *